Boodschappen

 

"Ik wil niet mee boodschappen doen," snikt Hieke. Ze ligt voorover op haar bed. Haar moeder zit er naast.

"Hieke," zegt ze zachtjes, "het moet kindje. Ik kan je niet alleen thuislaten."

"Maar ik wil niet," zegt Hieke met een tranenstem.

"Waarom dan niet?" vraagt haar moeder.

"Omdat...omdat Meneer Rafelaar Pop Miep haar spullen af wil pikken." Hieke huilt nu erg hard. Haar kussen voelt helemaal nat, en het ruikt naar dikke tranen.

"Ach wel nee," zegt haar moeder. Ze begrijpt er niets van.

"Bovendien hoef ik vandaag helemaal niet naar Meneer Rafelaar."

"O," zegt Hieke. Het huilen wordt al minder.

"Ik moet alleen maar even naar het postkantoor. Een pakje versturen," zegt haar moeder.

Hieke springt van haar bed.

"Ik ga mee!" roept ze. Ze duwt haar hoofd nog even tegen haar kussen om de tranen af te drogen, en rent naar de gang voor haar jas en schoenen.

"Nou, nou," mompelt haar moeder, die er steeds minder van begrijpt.

Op het postkantoor kijkt Hieke goed wat haar moeder allemaal doet met het pakje.

Er is niks aan. Gewoon de doos aan de meneer geven. Die zet stempels op de postzegels en klaar ben je.

Postzegels heeft Hieke ook wel. In een klein boekje helemaal bovenin haar speelgoedkast. Allemaal postzegels zitten daarin. Heel mooie. Echt postzegels voor een baby.

"Dank u wel," zegt Hieke’s moeder nog. En dat is alles.

Wanneer Hieke op de terugweg van het postkantoor langs de speelgoedwinkel komt, ziet ze in de etalage allemaal prachtige dozen staan. Daar moet ze er een van hebben.
"Ik ben heel lief hè," zegt ze tegen haar moeder.

"Zeker," zegt die terug.
"En als ik niet zeur, dan krijg ik wel eens iets hè?" gaat Hieke verder.

"Ja," aarzelt haar moeder, " wel eens ja.”

"Hoe vaak is het wel eens?" vraagt Hieke.

 

 

"Nou ja, zo af en toe." Haar moeder ziet het al aankomen.

"Is af en toe ook wel eens nu?" vraagt Hieke weer.

"Nnnja, nou, ja het kan, ja." Haar moeder lacht er maar om.

"Nou vooruit," zegt ze. "Laten we iets voor Pop Miep kopen. Heb jij ook iets voor je baby."

Samen lopen ze de speelgoedwinkel in. De winkelmeneer laat een poppebedje zien.

"Heel stevig plastic mevrouw," zegt hij tegen Hieke's moeder.

"Zit er een doos omheen?" vraagt Hieke.

"Maar natuurlijk," zegt de meneer.
"Kijk, hier heb ik hem. Zal ik hem maar
inpakken dan?"

Hieke knikt, en haar moeder zegt
"vooruit maar".

Hieke kijkt vooral naar de doos. Hij is niet zo erg groot, maar wel mooi stevig. Er zitten zelfs al een paar luchtgaatjes in.

En baby's zijn toch altijd heel klein wanneer ze net nieuw zijn.

Die doos zal prima gaan, voor het terugsturen.